De Voorjaarsraming 2026 van De Nederlandsche Bank (DNB) stelt de verwachte bbp-groei voor Nederland bij van 1,2% naar 0,8%. De oorzaak: gestegen energieprijzen als gevolg van de oorlog in het Midden-Oosten. Voor MKB-ondernemers die afhankelijk zijn van externe financiering, komt dit op een ongemakkelijk moment.
Het macro-event: lagere groei, hogere kosten
DNB-directeur monetaire zaken Bas ter Weel legt het bondig uit in een toelichting aan de NOS: “Door hogere energieprijzen houden consumenten de hand op knip. De economie is onzekerder. Bedrijven hebben hogere productiekosten en dan gaan ze minder produceren.” De olieprijs is in enkele maanden met circa 90% gestegen, mede door de afsluiting van de Straat van Hormuz en beschadigde energieproductiefaciliteiten.
De inflatie komt in 2026 naar verwachting uit op 2,7%, iets hoger dan de eerder geraamde 2,4%. Als reactie daarop heeft de Europese Centrale Bank (ECB) de beleidsrente verhoogd naar 2,25%. Dat maakt geld lenen duurder voor iedereen, ook voor bedrijven.
Pas in 2027 verwacht DNB een licht herstel, met groei van 1,2%, oplopend naar 1,3% in 2028. Dat herstel hangt sterk af van dalende energieprijzen en aantrekkende wereldhandel. De overheid is in 2026 vrijwel de enige groeimotor: particuliere consumptie stagneert, bedrijfsinvesteringen dalen.
Directe impact op zakelijk bankieren
Hogere ECB-rente werkt door in de kosten van zakelijke leningen. Volgens DNB-statistieken van mei 2026 betaalt het MKB gemiddeld 3,6% rente over uitstaande kredieten, tegenover 3,1% voor grotere bedrijven. Dit verschil is structureel: banken vinden het lastig om risico’s bij kleinere bedrijven in te schatten. Ook de kleinere kredietomvang maakt leningen relatief duurder.
Tegelijk neemt de vraag naar krediet toe: ondernemers die hogere energierekeningen en grondstoffentoeslagen niet uit eigen cashflow kunnen opvangen, kloppen vaker aan bij hun bank. Maar een bank die te maken krijgt met meer onzekerheid in de markt, hanteert ook strakkere acceptatiecriteria. Deze combinatie – hogere vraag én hogere drempel – is waar het knelt voor MKB’ers zonder grote liquiditeitsbuffer.
Impact per ondernemers-segment
Niet elk bedrijf voelt de neerwaartse bijstelling even hard. De praktische gevolgen verschillen per situatie.
ZZP’ers en kleine dienstverleners merken de macro-trend indirect: klanten stellen opdrachten uit of korten budgetten. De directe financieringsbehoefte is doorgaans beperkt, maar een lagere omzet maakt het moeilijker om een zakelijke lening aan te vragen of een rekening-courantkrediet te verlengen. Als je nu een zakelijke rekening als ZZP’er overweegt met een bijbehorend krediet, dan wordt het beoordelen van jouw aanvraag strenger naarmate de economische onzekerheid toeneemt.
MKB-bedrijven met hoge energiekosten, zoals productiebedrijven, transporteurs of logistiek dienstverleners, worden het hardst geraakt. Hogere productiekosten drukken de marge, terwijl klanten minder besteden. Wie nu een zakelijke lening vergelijkt, doet er goed aan te kijken welke aanbieders flexibele aflossingsregelingen bieden en welke kredietcriteria ze hanteren bij dalende omzetprognoses.
Bedrijven met sterke overheidscontracten staan er beter voor: de overheid is in 2026 de voornaamste groeimotor en blijft investeren. Wie opdrachten heeft bij de publieke sector, ondervindt minder directe omzetdruk.
Startups en snelgroeiende bedrijven ondervinden meer weerstand bij het aantrekken van groeikapitaal. Onzekerheid maakt investeerders voorzichtiger en banken kieskeuriger. Het borgstellingskrediet (BMKB) kan dan een bruikbaar alternatief zijn: hiermee staat de overheid gedeeltelijk borg, waardoor banken bereidwilliger zijn een lening te verstrekken aan bedrijven die niet voldoende onderpand hebben.
Wat kun je nu doen?
De neerwaartse bijstelling van DNB is op zichzelf geen reden voor paniek, maar het is wel een signaal om de financiële positie van je bedrijf te beoordelen voordat je die beoordeling aan een bank overlaat. Breng je liquiditeitsprognose op orde: banken kijken bij kredietaanvragen steeds meer naar voorspelbare cashflows en niet alleen naar historische omzet.
Overweeg je een investering die je had uitgesteld? Wacht dan niet te lang met een aanvraag. De ECB-rente staat nu op 2,25% en DNB voorziet pas geleidelijk herstel vanaf 2027. Een tweede renteverhoging is niet uitgesloten als de inflatie hardnekkig blijft. Wie nu financiering regelt, doet dat mogelijk nog tegen gunstigere voorwaarden dan over twaalf maanden.
Verwachtingen voor de komende maanden
DNB houdt rekening met twee scenario’s naast het basispad. In het zwaarste scenario, waarbij de oorlog in het Midden-Oosten escaleert en de Straat van Hormuz langer gesloten blijft, groeit de Nederlandse economie in 2026 nog minder dan de geraamde 0,8%. In het mildere scenario trekt de wereldhandel eerder aan en herstelt het consumentenvertrouwen sneller.
Ter Weel formuleerde het scherp: “Je kan niet uitgeven wat je niet hebt.” Dat geldt voor de overheid, maar net zo goed voor ondernemers die hun financieringsbehoefte uitstellen totdat de marges opnieuw krimpen. Wie zijn financiële situatie nu in kaart brengt en tijdig de markt op gaat, staat sterker dan wie wacht op beter nieuws dat pas in 2027 of 2028 verwacht wordt.
